Menu

De Slotplaats (Bakkeveen) (28-10-2016)

Op 20 oktober 2016, in de herfstvakantie, organiseerde de paddenstoelenwerkgroep een extra excursie. Dankzij de regen kwamen de paddenstoelen langzamerhand spreekwoordelijk uit de grond, en het was al bekend, dat in De Slotplaats een redelijke hoeveelheid soorten stonden.

De excursie kon al direct beginnen. Achter de geparkeerde auto’s, aan de rand van een perkje, stond een paddenstoel met een grote, bruingekleurde hoed en een relatief korte steel. Doordat de paddenstoel met water verzadigd was, liep het water al bij lichte druk uit de lamellen. In eerste instantie werd nog even gedacht, dat het waterige melk kon zijn, maar het was al snel duidelijk, dat de paddenstoel verder geen enkel kenmerk van een melkzwam had. De met een bochtje aangehechte lamellen wezen op een veldridder: de kortstelige veldridder (Melanoleuca brevipes).

Het doel van de excursie was de gelobde pruikzwam (Hericium cirrhatum), een soort die in De Slotplaats voor het eerst in 2000 werd ontdekt. Een gelobde pruikzwam kan zeer groot in omvang zijn, maar het gevonden exemplaar was nog pas begonnen te groeien. Nadat iedereen van deze aparte, bijna excentrieke paddenstoel had genoten, ging de excursie verder langs een laan door loof- en naaldbos.

Daar viel een zeer grote groep van koeienboleten (Suillus bovinus) op. Bij koeienboleten wordt altijd gezocht naar de roze spijkerzwam (Gomphidius roseus). De roze spijkerzwam groeit alleen in de buurt van koeienboleten, maar wordt slechts zelden daarbij gevonden. Wij hadden geluk. De koeienboleten werden door een tiental exemplaren van de roze spijkerzwam vergezeld, de meeste slechts nog klein, een paar al volledig uitgegroeid.

paddenstoelen excursie(©Sjoerd Greydanus)
Rechte koraalzwam, blauwe satijnzwam en koeienboleten met roze spijkerzwam
(©Sjoerd Greydanus)

Verder in de buurt van sparren prijkte een staalblauwe zwam in het gras. Een groep die veel van deze blauw- en violetachtige gekleurde paddenstoelen heeft, zijn de satijnzwammen. Er zijn enkele soorten die veel op elkaar lijken. Het bleek om de blauwe satijnzwam (Entoloma nitidum) te gaan. De blauwe satijnzwam is niet een algemene soort, hij is slechts drie keer gemeld, met de eerste melding in 1934 (!) in de omgeving van Beetsterzwaag.

De volgende zeldzaamheid stond er vlakbij in de buurt: de olijfkleurige sparrengordijnzwam (Cortinarius subtortus).

Het aantal gevonden soorten was 87. Hoewel er al ruim 400 soorten in De Slotplaats bekend zijn, werden toch tien nieuwe soorten voor het gebied genoteerd.

Jubileumexcursie Ameland, Buurderduinen (20-10-2016)

Ter gelegenheid van het 25-jarig bestaan van de Paddenstoelen Werkgroep Friesland werd op 8 oktober 2016 een excursie op Ameland gehouden. September was veel te droog geweest, maar in het begin van oktober was hier en daar regen gevallen en leek het paddenstoelseizoen een beetje op gang te komen. Vol goede moed vertrokken twaalf leden om half tien vanuit Holwerd.

Op Ameland werd de groep opgewacht door Theo Kiewiet, die de werkgroepleden naar de Buurderduinen leidde, een gebied dat rijk aan paddenstoelen kan zijn. Op het eerste gezicht was al snel duidelijk, dat naar paddenstoelen gezocht moest worden. Alleen de melige bovist (Bovista aestivalis) groeide in kleine groepjes op verschillende plekken.

Na alleen nog weidekringzwam (Marasmius oreades) en piekhaarzwammetje (Crinipellis scabella) gevonden te hebben besloot de groep richting zeereep te lopen waar misschien de helmduinen nog interessante soorten op zouden kunnen leveren.

Op de weg erheen vielen in de duinen enkele her en der verspreid staande forse paddenstoelen op. Het leken parasolzwammen, maar er waren ook kenmerken die daaraan deden twijfelen, zoals de dichtopeenstaande schubben die van wit naar bruin verkleurden. Microscopische determinatie bracht pas de zekerheid dat het ging om de wortelende champignonparasol (Leucoagaricus barssii), een soort die nog niet eerder in Friesland is gevonden. De wortelende champignonparasol is een soort die aan de kust gebonden is. Hij komt het meeste voor langs de Noord- en Zuidhollandse kust, inclusief één vondst op Texel.


Wortelende champignonparasol(©Gosse Haga)
Wortelende champignonparasol is nieuwe soort voor Friesland
(©Gosse Haga)

In de helmduinen konden de verschillende stadia van de duinstinkzwam (Phallus hadriani) bewonderd worden. Tussen het helmgras werd de kleurrijkste soort van de dag gevonden: de duinwasplaat (Hygrocybe conicoides), met zijn intens dieprode hoed. Konijnenkeutels werden door de kleine speldenprikzwam (Poronia erici) en het mestkaalkopje (Deconica coprophila) verteerd.


Kleine speldenprikzwam & mestkaalkopje (©Gosse Haga / Sjoerd Greydanus)
De kleine speldenprikzwam (rechts) en het mestkaalkopje (links)
(©Gosse Haga (l) & Sjoerd Greydanus (r))

Daarna zocht een ieder weer verder in de duinen. Op verschillende plaatsen stonden aardsterren, die tot vier verschillende soorten bleken te behoren: de heideaardster (Geastrum schmiedelii), de kleine aardster (G. minimum), de bruine aardster (G. elegans) en de ruwe aardster (G. campestre).

Ieders wens om meer regen voor de paddenstoelen bleek slecht gepland te zijn: om twee uur overviel een zware regenbui de groep, en aangezien het er niet op leek dat het af zou nemen, werd besloten om de excursie in het restaurant voort te zetten. Op de terugweg werd nog snel een aan de rand van het fietspad staande champignon meegenomen. Ook deze bleek een nieuwe soort voor de Friese werkgroep te zijn: de sneeuwwitte anijschampignon (Agaricus osecanus).

In totaal werden tijdens deze excursie 21 soorten gevonden.

Soortendag in Leeuwarder bos (12-06-2016)

Op 12 juni werd de traditionele soortendag in het Leeuwarder bos gehouden. Hoewel juni niet de meest geschikte periode is voor paddenstoelen, gaat de Paddenstoelen Werkgroep Friesland mee in de traditie om naar nieuwe soorten te zoeken. Van de zware regenbuien had Friesland weinig meegekregen, zodat de omstandigheden voor de groei van paddenstoelen te droog bleven. Op het eerste gezicht leek het dan ook een nutteloze exercitie te worden, de harde uitgedroogde grond nodigde zelfs niet eens uit tot een wandeling.

brandnetelklokje (l) en dwerghertezwam (r)(©Sjoerd Greydanus)
Het brandnetelklokje en de dwerghertezwam
(©Sjoerd Greydanus)

Gelukkig is er altijd een oplossing: een duik in het struikgewas op zoek naar het kleine spul. Na enkele vergeefse pogingen werd dan eindelijk het paradijsje op de vierkante millimeter gevonden, een plek die op de bodem nog voldoende vochtig was. Binnen een tweetal minuten werden een vijftal soorten gevonden:

  • het essevlieskelkje (Hymenoscyphus albidus), zeer overdadig op bladstelen van verrotte essebladeren;
  • het slank vlieskelkje (Hymenoscyphus repandus), op stengels van kruidachtigen;
  • het brandnetelklokje (Calyptella capula), dit keer niet op stengels van brandnetels, maar van andere planten;
  • de gewone wimperzwam (Scutellinia scutellata);
  • de oranje dwergmycena (Mycena acicula)

Ook grotere plaatjeszwammen ontbraken niet. Langs het fietspad stond, verscholen onder de planten, de dwerghertezwam (Pluteus nanus), gelukkig nog niet door de slakken opgegeten.

Uiteindelijk werden tijdens de excursie in kilometerhok 182-581 vijftien soorten gevonden. Eén was nieuw voor het Leeuwarder bos: de kleinsporige kogelzwam (Hypoxylon howeanum).

's Middags werd door Gosse Haga nog een excursie voor het publiek gegeven (kilometerhok 181-581). Zijn inventarisatie leverde elf soorten op, waaronder een nieuwe soort voor het Leeuwarder bos: de halmverstikker (Epichloë typhina).

Ontwijk (Donkerbroek) (28-05-2016)

Het Ontwijk is een gevarieerd, kleinschalig bos bij Donkerbroek met lanen, heide, veentjes en met de Wandelbos. Tot aan de Tweede Wereldoorlog zijn in het bosje jaarlijks bomen aangeplant door scholieren. Beuk, eik, lijsterbes, berk geven het Ontwijk de nodige variatie om het voor paddenstoelen gunstig te maken. Vier leden trotseerden de zwermen muggen om op zoek te gaan naar nieuwe soorten voor het gebied. Het gebied omvat vier kilometerhokken. Besloten werd om de route zo te kiezen, dat twee kilometerhokken bezocht werden, namelijk 211-577 en 212-558.

Het eerste kilometerhok is grotendeels een gemengd bos, bestaande uit beuk, berk, eik en den. Eén van de eerste soorten die op beukedopjes gevonden werd, was op deze dag ook de algemeenste: het gewoon franjekelkje (Lachnum virgineum). Het werd vooral op de beukedopjes gevonden, maar ook een keer op hout. Op oude stengels van de salomonszegels groeiden nog enkele exemplaren van het gladharig franjekelkje (Trichopezizella nidulus). Zoals vaak bij voorjaarsexcursies, als de grote paddenstoelen het nog laten afweten, ging de aandacht vooral uit naar ascomyceten en de korstzwammen. Later werd op nerven van beukenblad nog het langharig franjekelkje (Incrucipulum ciliare) ontdekt.

gewoon franjekelkje (l) en de anamorfe vorm van de berkeweerschijnzwam (r)(©Sjoerd Greydanus)
Het gewoon franjekelkje en de anamorfe vorm van de berkeweerschijnzwam
(©Sjoerd Greydanus)

De enige plaatjeszwam van de excursie werd in het deel met dennen gevonden. Op een dennenkegel groeide de bittere dennenkegelzwam (Strobilurus tenacellus). Het hoogtepunt in dit kilomterhok was een onooglijke zwarte klomp op een berkenstam: de berkenweerschijnzwam (Inonotus obliquus). Deze zwam kent twee stadia, een geslachtelijk (teleomorf) en ongeslachtelijk (anamorf). De zwarte klomp die er als een gezwel uitziet, is het anamorfe stadium.

Het wandelpad in het tweede kilometerhok leidt rondom een vijver en is opener van karakter. Helaas werden hier weinig paddenstoelen gevonden. Nog net niet uitgedroogde exemplaren van de vermiljoenhoutzwam (Pycnoporus cinnabarinus) waren in dit gebied de opvallendste soort.

In kilometerhok 211-577 werden 26 soorten gevonden, waarvan 14 nieuw voor het kilometerhok; in kilometerhok 212-558 werden 7 soorten gevonden, waarvan 4 nieuw voor het kilometerhok.

Pompsterplaat en Zomerhuisjesbos (05-05-2016)

Op 30 april 2016 hield de werkgroep de eerste excursie in het Lauwersmeergebied. Zeven werkgroepleden verzamelden zich bij de parkeerplaats van de Pompsterplaat in het Lauwersmeergebied. De Pompsterplaat is nog nauwelijks op paddenstoelen onderzocht, een tweetal vroegere bezoeken hadden nog geen twintig soorten opgeleverd.

Eerst was er enige aarzeling, want enkele Schotse Hooglanders en Konickspaarden lagen en graasden vlakbij de ingang. Ze hadden kennelijk al snel in de gaten, dat ze weinig concurrentie van mycologen hadden: deze hadden geen enkele belangstelling voor het verse gras, maar doken snel tussen oude stengels, op zoek naar kleine ascomyceten. Dit leverde al snel het algemeen voorkomende slank vlieskelkje (Hymenoscyphus repandum) op.

Omdat de verwachte mestpaddenstoelen het lieten afweten, werd het een excursie waarbij stengels, takjes en hout werden opgeraapt en met loepje bekeken. In het riet leverde dit speurwerk prachtige exemplaren van de rietviltmollisia (Belonopsis retincola) en de oeverviltmollisia (Mollisia hydrophila) op. Zeldzaam zijn deze soorten niet, maar ze zijn wel gebonden aan rietvelden. In Friesland zijn beide soorten nu vier keer gemeld.

rieviltmollisia (l) en oeverviltmollisia (r)(©Gosse Haga)
Rietviltmollisia en oeverviltmollisia
(©Gosse Haga)

Verder werd op een stuk hout nog een oorzwammetje gevonden dat leek te parasiteren op een korstzwam. Het bleek hier te gaan om het grootsporig oorzwammetje (Crepidotus versutus). Waarschijnlijk heeft het oorzwammetje gewoon hetzelfde stuk hout bewoond, van parasitisme is van deze soort in de literatuur niets bekend.

Na een uur waren dertien soorten gevonden. Omdat het erop leek, dat er geen andere soorten meer gevonden zouden worden, verplaatste de groep zich nog naar het Zomerhuisjesbos. Het Zomerhuisjesbos is goed onderzocht, er zijn al ruim tweehonderd soorten bekend.

In het Zomerhuisjebos bleek het niet nodig zijn om alleen met loep op zoek te gaan. Hier werden ook met het blote oog duidelijke zichtbare paddenstoelen gevonden, zoals de nonnenkapkluifzwam (Helvella spadicea), de grote kale inktzwam (Coprinopsis atramentaria), en, verrassend vroeg in het jaar, het stobbezwammetje (Kuehneromyces mutabilis).

In totaal leverde de eerste excursie van 2016 dertig soorten op. Voor de Pompsterplaat waren veertien nog niet eerder in het gebied gemeld, voor het Zomerhuisjesbos werden vier nieuwe soorten aan de lijst toegevoegd.

grote kale inktzwam, grootsporig oorzwammetje, stobbezwammetje en nonnenkapkluifzwam(©Sjoerd Greydanus)
boven:grote kale inktzwam en grootsporig oorzwammetje
onder:stobbezwammetje en nonnenkapkluifzwam
(©Sjoerd Greydanus)