Menu

Fijnspar-prunusroest (Pucciniastrum areolatum)

  • Fijnspar-prunusroest
  • Fijnspar-prunusroest
  • Fijnspar-prunusroest
(c) Frans Ozinga

Op 23 januari 2020 was ik samen met mijn natuurmaat Tsjepke van der Honing in de Vegelinbosschen van Sint Nicolaasga om weer een mooi lijstje waarnemingen op papier te krijgen. We hadden voor de verandering een naaldhoutbosje uitgezocht om ook eens in een ander biotoop ons geluk te beproeven.

Halverwege de ochtend kwam Tsjepke met een fijnsparappel aanzetten. Hij had op de bovenkant van de schubben mogelijk paddenstoeltjes gevonden: tientallen vruchtlichaampjes van 1x1 mm. Ze leken op een ruigkogeltje (Lasiosphaeria), maar dan zonder papillen. Verder kon ik er niet veel van maken. Dat werd weer puzzelen.

Door in de literatuur op "Picea" en "kegels" te zoeken was het niet moeilijk om in de goede richting gestuurd te worden, zodat ik bij de fijnspar-prunusroest terechtkwam. De roodbruine vruchtlichamen zouden van augustus tot november te vinden zijn, maar wij vonden ze ook nog in maart.

Volgens de literatuur zijn de vruchtlichamen 1 x1 mm; de aeciosporen 22.4 – 26.7 x 12.8 - 18.2 µm (een aecium is een van de 5 mogelijke vormen die het vruchtlichaam van een roest kan aannemen). De dikte van de celwand was niet gemakkelijk te meten, maar het was wel duidelijk, dat die niet overal even dik was en dat op sommige plekken de staafjes ontbraken, bijvoorbeeld aan de uiteinden van de sporen. De aecia bleken vooral op de bovenkant van de schubben te zitten, maar bij de onderste schubben zaten er ook een paar op de onderkant.

Mijn eigen microscopische waarnemingen waren overeenkomstig de waarden in de literatuur. Bovendien bevestigde de Nederlandse roestenspecialist Aad Termorshuizen mijn determinatie (waarvoor hartelijk dank). In zijn standaardwerk over roesten vermeldt Termorshuizen dat er van deze soorten twee vindplaatsen in Nederland bekend zijn, namelijk in het Revebos (Oost-Flevoland) in 1978 en in Udenhout in 1981. Deze vondsten worden overigens (nog) niet op de verspreidingsatlas vermeld.

Behalve in de Vegelinbosschen van Sint-Nicolaasga hebben we de fijnspar-prunus roest ook gevonden onder fijnsparren op de Ketliker Heide en wel in die mate, dat verwacht mag worden, dat bij gericht speurwerk deze roest veel vaker gevonden zal worden.

(c) Frans Ozinga


Periodiciteit

Het aantal meldingen van Fijnspar-prunusroest per decade (periode van tien dagen) .
De eerste twee cijfers geven de maand aan. Het derde cijfer geeft de decade aan. 1: dag 1 - 10, 2: dag 11 - 20, 3: dag 21 tot einde van de maand.


Verspreidingskaart

Fijnspar-prunusroest


ID-kaart
Wetenschappelijke naam: Pucciniastrum areolatum
Nederlandse naam: Fijnspar-prunusroest
Friese naam: -
In Friesland: 3 meldingen in 2 kilometerhokken
Eerste melding: 23-01-2020, 179-549, Sint Nicolaasga, Vegelinbosschen
Laatste melding: 21-03-2020, 198-550, Katlijk, Het Katlijker schar