Menu

2 juni 2018 - Na regen komen graspaddenstoelen

  • Na regen komen graspaddenstoelen
  • Na regen komen graspaddenstoelen
  • Na regen komen graspaddenstoelen
  • Na regen komen graspaddenstoelen
(c) Sjoerd Greydanus

Na een voorafgaande week met overvloedige regen hadden de drie excursiegangers hoop plaatjeszwammen te vinden. Die hoop werd direct bevestigd door een groepje van kleine grasfranjehoeden (Psathyrella prona) aan de rand van de parkeerplaats.

Een paar honderd meter verder stond langs het fietspad nog een eenzaam isabelkleurig breeksteeltje (Conocybe albipes), een soort die vooral in het voorjaar in parken en plantsoenen voorkomt.

Ook in het bos zelf waren plaatjeszwammen tevoorschijn gekomen. De dwerghertenzwam (Pluteus nanus) stond nabij een stronk, en was redelijk groot. Er werd eerst dan ook getwijfeld aan een kleine gewone hertenzwam, maar bij dit exemplaar ontbrak de kenmerkende aardappelgeur. Verder ontbreken bij de dwerghertenzwam haakvormige pleurocystiden.

Ook op ondergronds hout stond een groepje tranende franjehoeden (Lacrymaria lacrymabunda). De tranen waren vermoedelijk al door de regen weggespoeld, maar de kenmerkende lamellen en de viltige hoed waren nog duidelijk genoeg om tot een naam te komen (foto 1).

Waren voorgaande excursies erg rijk aan korstzwammen, nu werden er weinig gevonden, en als ze werden gevonden dan bleken ze of te oud of te jong voor determinatie. Daarom kon de aandacht meer naar ascomyceten op planten uitgaan. In een vochtig deel waren sommige oude rietstengels overdekt met het rietfranjekelkje (Lachnum controversum). Op een brandnetelstengel stonden enkele hakige vlieskelkjes (Hymenoscyphus menthae). Vlieskelkjes zijn lastig van elkaar te onderscheiden, maar het hakig vlieskelkje onderscheidt zich als een dooiergeel kelkje met een witdonzig steeltje.

Op dood hout worden altijd wel mollisia's gevonden. Met wat geluk is het een niet al te zeldzame soort die nog te determineren valt. De zwartwitte mollisia (Mollisia melaleuca) heeft zijn naam te danken aan de donkere, bijna zwarte rand rondom een witachtig schijfje (foto 2).

De kleurrijke afsluiting van de excursie was een groepje oranje dwergmycena's (Mycena acicula). Vaak groeit de oranje dwergmycena alleen tussen strooisel op de grond. Dit keer stonden een zestal exemplaren op een stronk, precies hoog genoeg voor het statief van de camera (foto 3).

Tot de waargenomen soorten behoorden ook:



Statistiek
Kilometerhok: 181-581
Aantal soorten: 29
Nieuw voor kilometerhok: 7
Nieuw voor Leeuwarder bos: 4