Menu

Soortendag in Leeuwarder bos (12-06-2016)

Op 12 juni werd de traditionele soortendag in het Leeuwarder bos gehouden. Hoewel juni niet de meest geschikte periode is voor paddenstoelen, gaat de Paddenstoelen Werkgroep Friesland mee in de traditie om naar nieuwe soorten te zoeken. Van de zware regenbuien had Friesland weinig meegekregen, zodat de omstandigheden voor de groei van paddenstoelen te droog bleven. Op het eerste gezicht leek het dan ook een nutteloze exercitie te worden, de harde uitgedroogde grond nodigde zelfs niet eens uit tot een wandeling.

brandnetelklokje (l) en dwerghertezwam (r)(©Sjoerd Greydanus)
Het brandnetelklokje en de dwerghertezwam
(©Sjoerd Greydanus)

Gelukkig is er altijd een oplossing: een duik in het struikgewas op zoek naar het kleine spul. Na enkele vergeefse pogingen werd dan eindelijk het paradijsje op de vierkante millimeter gevonden, een plek die op de bodem nog voldoende vochtig was. Binnen een tweetal minuten werden een vijftal soorten gevonden:

  • het essevlieskelkje (Hymenoscyphus albidus), zeer overdadig op bladstelen van verrotte essebladeren;
  • het slank vlieskelkje (Hymenoscyphus repandus), op stengels van kruidachtigen;
  • het brandnetelklokje (Calyptella capula), dit keer niet op stengels van brandnetels, maar van andere planten;
  • de gewone wimperzwam (Scutellinia scutellata);
  • de oranje dwergmycena (Mycena acicula)

Ook grotere plaatjeszwammen ontbraken niet. Langs het fietspad stond, verscholen onder de planten, de dwerghertezwam (Pluteus nanus), gelukkig nog niet door de slakken opgegeten.

Uiteindelijk werden tijdens de excursie in kilometerhok 182-581 vijftien soorten gevonden. Eén was nieuw voor het Leeuwarder bos: de kleinsporige kogelzwam (Hypoxylon howeanum).

's Middags werd door Gosse Haga nog een excursie voor het publiek gegeven (kilometerhok 181-581). Zijn inventarisatie leverde elf soorten op, waaronder een nieuwe soort voor het Leeuwarder bos: de halmverstikker (Epichloë typhina).

Ontwijk (Donkerbroek) (28-05-2016)

Het Ontwijk is een gevarieerd, kleinschalig bos bij Donkerbroek met lanen, heide, veentjes en met de Wandelbos. Tot aan de Tweede Wereldoorlog zijn in het bosje jaarlijks bomen aangeplant door scholieren. Beuk, eik, lijsterbes, berk geven het Ontwijk de nodige variatie om het voor paddenstoelen gunstig te maken. Vier leden trotseerden de zwermen muggen om op zoek te gaan naar nieuwe soorten voor het gebied. Het gebied omvat vier kilometerhokken. Besloten werd om de route zo te kiezen, dat twee kilometerhokken bezocht werden, namelijk 211-577 en 212-558.

Het eerste kilometerhok is grotendeels een gemengd bos, bestaande uit beuk, berk, eik en den. Eén van de eerste soorten die op beukedopjes gevonden werd, was op deze dag ook de algemeenste: het gewoon franjekelkje (Lachnum virgineum). Het werd vooral op de beukedopjes gevonden, maar ook een keer op hout. Op oude stengels van de salomonszegels groeiden nog enkele exemplaren van het gladharig franjekelkje (Trichopezizella nidulus). Zoals vaak bij voorjaarsexcursies, als de grote paddenstoelen het nog laten afweten, ging de aandacht vooral uit naar ascomyceten en de korstzwammen. Later werd op nerven van beukenblad nog het langharig franjekelkje (Incrucipulum ciliare) ontdekt.

gewoon franjekelkje (l) en de anamorfe vorm van de berkeweerschijnzwam (r)(©Sjoerd Greydanus)
Het gewoon franjekelkje en de anamorfe vorm van de berkeweerschijnzwam
(©Sjoerd Greydanus)

De enige plaatjeszwam van de excursie werd in het deel met dennen gevonden. Op een dennenkegel groeide de bittere dennenkegelzwam (Strobilurus tenacellus). Het hoogtepunt in dit kilomterhok was een onooglijke zwarte klomp op een berkenstam: de berkenweerschijnzwam (Inonotus obliquus). Deze zwam kent twee stadia, een geslachtelijk (teleomorf) en ongeslachtelijk (anamorf). De zwarte klomp die er als een gezwel uitziet, is het anamorfe stadium.

Het wandelpad in het tweede kilometerhok leidt rondom een vijver en is opener van karakter. Helaas werden hier weinig paddenstoelen gevonden. Nog net niet uitgedroogde exemplaren van de vermiljoenhoutzwam (Pycnoporus cinnabarinus) waren in dit gebied de opvallendste soort.

In kilometerhok 211-577 werden 26 soorten gevonden, waarvan 14 nieuw voor het kilometerhok; in kilometerhok 212-558 werden 7 soorten gevonden, waarvan 4 nieuw voor het kilometerhok.

Pompsterplaat en Zomerhuisjesbos (05-05-2016)

Op 30 april 2016 hield de werkgroep de eerste excursie in het Lauwersmeergebied. Zeven werkgroepleden verzamelden zich bij de parkeerplaats van de Pompsterplaat in het Lauwersmeergebied. De Pompsterplaat is nog nauwelijks op paddenstoelen onderzocht, een tweetal vroegere bezoeken hadden nog geen twintig soorten opgeleverd.

Eerst was er enige aarzeling, want enkele Schotse Hooglanders en Konickspaarden lagen en graasden vlakbij de ingang. Ze hadden kennelijk al snel in de gaten, dat ze weinig concurrentie van mycologen hadden: deze hadden geen enkele belangstelling voor het verse gras, maar doken snel tussen oude stengels, op zoek naar kleine ascomyceten. Dit leverde al snel het algemeen voorkomende slank vlieskelkje (Hymenoscyphus repandum) op.

Omdat de verwachte mestpaddenstoelen het lieten afweten, werd het een excursie waarbij stengels, takjes en hout werden opgeraapt en met loepje bekeken. In het riet leverde dit speurwerk prachtige exemplaren van de rietviltmollisia (Belonopsis retincola) en de oeverviltmollisia (Mollisia hydrophila) op. Zeldzaam zijn deze soorten niet, maar ze zijn wel gebonden aan rietvelden. In Friesland zijn beide soorten nu vier keer gemeld.

rieviltmollisia (l) en oeverviltmollisia (r)(©Gosse Haga)
Rietviltmollisia en oeverviltmollisia
(©Gosse Haga)

Verder werd op een stuk hout nog een oorzwammetje gevonden dat leek te parasiteren op een korstzwam. Het bleek hier te gaan om het grootsporig oorzwammetje (Crepidotus versutus). Waarschijnlijk heeft het oorzwammetje gewoon hetzelfde stuk hout bewoond, van parasitisme is van deze soort in de literatuur niets bekend.

Na een uur waren dertien soorten gevonden. Omdat het erop leek, dat er geen andere soorten meer gevonden zouden worden, verplaatste de groep zich nog naar het Zomerhuisjesbos. Het Zomerhuisjesbos is goed onderzocht, er zijn al ruim tweehonderd soorten bekend.

In het Zomerhuisjebos bleek het niet nodig zijn om alleen met loep op zoek te gaan. Hier werden ook met het blote oog duidelijke zichtbare paddenstoelen gevonden, zoals de nonnenkapkluifzwam (Helvella spadicea), de grote kale inktzwam (Coprinopsis atramentaria), en, verrassend vroeg in het jaar, het stobbezwammetje (Kuehneromyces mutabilis).

In totaal leverde de eerste excursie van 2016 dertig soorten op. Voor de Pompsterplaat waren veertien nog niet eerder in het gebied gemeld, voor het Zomerhuisjesbos werden vier nieuwe soorten aan de lijst toegevoegd.

grote kale inktzwam, grootsporig oorzwammetje, stobbezwammetje en nonnenkapkluifzwam(©Sjoerd Greydanus)
boven:grote kale inktzwam en grootsporig oorzwammetje
onder:stobbezwammetje en nonnenkapkluifzwam
(©Sjoerd Greydanus)