Menu

08 december 2018 - Een soortenrijke jaarafsluiting

(c) Ben Engelen (1,4-6) & Sjoerd Greydanus (2-3)

Tussen de feestdagen van Sinterklaas en Kerstmis was er gelukkig nog gelegenheid voor een laatste excursie in het Leeuwarder bos. De relatief hoge temperaturen en het vochtige weer zorgden voor een late herfst. De omstandigheden waren gunstig genoeg om binnen twee uur 43 soorten te vinden, de hoogste score van 2018. Zes waren nieuw voor het Leeuwarder bos, eens temeer het bewijs dat de soortenrijkdom in een gebied alleen maar door continue inventarisaties vastgesteld kan worden.

Na voldoende regen komen inktzwammen vaak als één van de eerste soorten tevoorschijn. Ook tijdens deze excursie ontbraken inktzwammen niet. Naast de zeer algemene gewone glimmerinktzwam (Coprinellus micaceus) groeide op verschillende plekken de grote viltinktzwam (Coprinellus domesticus) (foto 1). De grote viltinktzwam is in Friesland niet algemeen, met slechts een vijftigtal meldingen, maar in het Leeuwarder bos kun je hem regelmatig tegenkomen. Ook het roodoranje vilt wordt regelmatig gevonden.

De grote viltinktzwam was van de gevonden plaatjeszwammen de grootste soort. De overige plaatjeszwammen waren van bescheidener omvang, zoals het groot mosklokje (Galerina clavata) (foto 2). Binnen de mosklokjes is deze soort relatief groot. Verder kenmerkt deze soort zich microscopisch door het ontbreken van gespen aan de hyfen en de grote sporen. Hij onderscheidt zich van zijn dubbelganger het tweesporig mosklokje (Galerina subclavata) door de aanwezigheid van viersporige basidia.

Ook mycena's zijn tussen het strooisel vaak tot laat in het jaar aanwezig. Op bemost schors groeiende mycena's lijken zelfs later in het seizoen te groeien. Voor de eerste keer werd in het Leeuwarder bos de stronkmycena (Mycena hiemalis) gevonden (foto 3). Zoals de wetenschappelijke naam al aanduidt, lijkt deze soort een voorkeur voor de winterperiode te hebben. Deze soort is in Friesland een zeventigtal keren gemeld.

De hoofdrol van deze excursie was weggelegd voor de ascomyceten. Rottende plantenstengels en doorweekte takken en twijgjes zijn een ideale voedingsbodem voor dit kleine spul waarvan de schoonheid vaak het beste uitkomt met macrofotografie (met dank aan Ben Engelen):

  • de gele kussentjeszwam(Hypocrea aureoviridis) is slechts een enkel millimeters groot zwammetje dat als een geel speldenkussentje vrij opvallend is. De gele kussentjeszwam is zeer algemeen en is tot nu toe in het Leeuwarder bos driemaal aangetroffen;
  • de paarse knoopzwam (Ascocoryne sarcoides) kan zowel in imperfect als perfect stadium voorkomen. In het imperfect stadium ziet de paarse knoopzwam er dan uit als een soort staafjes. Alleen in het perfecte stadium is het schijfvormig. De grootsporige paarse knoopzwam (Ascocoryne cylichnium) is de dubbelganger. Beide soorten komen in het Leeuwarder bos voor;
  • het zwavelgeel franjekelkje (Trichopeziza sulphurea) is een algemene soort die op kruidachtige planten voorkomt, met name brandnetel. Het kelkje valt vooral op door zijn zwavelgele haren. Zijn dubbelganger, het fraai franjekelkje (Trichopeziza mollisima) komt in het voorjaar voor. Beide soorten zijn alleen op basis van de sporenmaat met zekerheid te onderscheiden. Beide soorten komen in het Leeuwarder bos voor.

Enkele waargenomen soorten:

Statistiek
Kilometerhok: 182-581
Aantal soorten: 43
Nieuw voor kilometerhok: 8
Nieuw voor Leeuwarder bos: 6